Zorgkantoor Zuid-Limburg: “Wij staan niet langs de zijlijn, maar spelen mee in het veld”

Gepubliceerd op: 28 augustus 2025

In Zuid-Limburg werken zorgaanbieders en het CZ zorgkantoor samen aan de transitie in de ouderenzorg. De Zuid-Limburgse aanpak verschilt van de andere zorgkantoorregio’s in Nederland, vertellen zorginkopers Chantal Dohmen en Jos Schuurman. Samen met Mirjam van Bussel vertegenwoordigen zij CZ zorgkantoor in Zuid-Limburg

Jos: “We hebben in Zuid-Limburg bewust gekozen voor een actieve rol van het Zorgkantoor. We zijn financier, en tegelijkertijd co-createur van de transitie, als partner van de zorgaanbieders. Op die manier zijn we medeverantwoordelijk voor de successen én voor projecten die niet slagen.” “Een ander verschil is dat in Zuid-Limburg alle partijen – groot en klein – aan tafel zitten en een even grote stem hebben”, aldus Chantal. “Elke aanbieder pakt de rol die bij de omvang van de organisatie past. Maar het gaat erom dat we de transitie met zijn allen teweegbrengen op een manier waarbij iedereen zich comfortabel en veilig voelt.”

Niet de makkelijkste weg

Het startschot voor deze gezamenlijke koers was de invoering van de transitiemiddelen voor de periode 2022-2026. “De transitiemiddelen zijn bedoeld om innovaties te stimuleren, samenwerking tussen de verschillende partijen in de ouderenzorg te bevorderen en het scheiden van wonen en zorg te stimuleren en door te ontwikkelen. In Zuid-Limburg resulteerde dat onder meer in de oprichting van ZorgConnect. Chantal: “Het was natuurlijk best lastig om met zoveel partijen aan de slag te gaan, de stip op de horizon te bepalen en de weg ernaartoe af te spreken. In het begin was het echt wel zoeken en werken aan vertrouwen. Het voordeel was, dat er in onze regio al een samenwerkingsstructuur bestond waarop we konden voortbouwen.” “We hebben zeker niet de gemakkelijkste weg gekozen”, beaamt Jos. “Wat ons betreft was dit wel de enige weg. Samen met de aanbieders hebben we de visie op regionale ouderenzorg ontwikkeld, de structuur en governance bepaald en duidelijke spelregels afgesproken. Zo is stap voor stap een veilige en transparante omgeving ontstaan waarin grote en kleine aanbieders samen werken aan vernieuwing en daarmee aan een toekomstbestendige en betaalbare ouderenzorg.”

Strakke regie geeft ruimte voor creativiteit

De aanpak werpt vruchten af. De governancestructuur staat als een huis, de visie en spelregels zijn ons kompas. De route voor het indienen van projecten is helder en de selectie transparant en onafhankelijk. Twee programmamanagers zetten de lijnen uit, monitoren de voortgang en dragen zorg voor communicatie. “Juist de strakke regie geeft ruimte voor creativiteit en out-of-the-box denken”, vindt Jos. “Iedereen mag doen wat hij wil, maar wel binnen de spelregels.” Chantal: “We werken echt goed samen, en niet alleen op bestuurlijk niveau. Projectleiders kennen elkaar en weten elkaar te vinden en dat geldt inmiddels ook voor steeds meer medewerkers op de werkvloer.”

Meer samenhang, draagvlak en impact

Terugkijkend op de afgelopen drie jaren zijn Chantal en Jos best trots op wat er is gerealiseerd. Chantal: “Van meer dan 25 losse projecten in 2022 zijn we gegroeid naar drie gezamenlijke actielijnen, gericht op ontwikkelen, experimenten en implementeren. Het zijn niet meer de individuele organisaties die projecten indienen en uitvoeren, maar het zijn gezamenlijke projecten waar de hele regio belang bij heeft. Met als positief gevolg veel meer samenhang, draagvlak en impact. Dat zorgt bovendien voor efficiënte inzet van middelen. Want alles wat we in een project leren, wordt met iedereen gedeeld via bijvoorbeeld scholing en ondersteuning.” Jos: “Er ligt een sterke basis om toekomstige uitdagingen het hoofd te bieden, tegelijkertijd blijven we onderzoeken hoe we de samenwerking nog sterker en toekomstbestendiger kunnen maken.”

Terug
  • Deel dit bericht:

Nieuws

Algemeen

“Gun elkaar de bloemen”

“Gun elkaar de bloemen”, dat is volgens Kina Koster misschien wel de kern van succesvolle samenwerking. “Respecteer elkaar, sta open voor nieuwe dingen en leer daarvan. Dan ontstaan mooie dingen en maken we het samen beter.” Samen met collega-bestuurders Trudy Severens (Sevagram) en Karin Veltstra (toen bestuurder van Vivantes) en twee zorginkopers van het Zorgkantoor, is Kina een van de grondleggers van (de voorlopers van) ZorgConnect Zuid-Limburg. 1 januari 2027 neemt ze afscheid.  Waarom samenwerking in de ouderenzorg? “We zagen dat de dubbele vergrijzing toesloeg, het aantal mensen met dementie in rap tempo toenam en natuurlijk dat er steeds minder mensen waren om zorg te verlenen. Om de ouderenzorg toekomstbestendig te maken, moesten we destijds de handen wel ineenslaan”, blikt ze terug. “Als individuele organisatie konden we deze uitdagingen niet oplossen. Vanuit het Zorgkantoor kwamen kwaliteits- en transitiegelden beschikbaar en dat motiveerde enorm om gezamenlijk aan de slag te gaan.” Voorbij het organisatiebelang leren kijken Dat betekent niet dat het allemaal vanzelf ging. “Aanvankelijk stond niet iedereen te popelen, daar hebben we echt flink aan moeten trekken. In het begin voelden vooral de grotere organisaties de urgentie van de problemen, terwijl de kleinere daar nog minder last van hadden. Bovendien hadden kleinere zorgorganisaties vaak minder capaciteit beschikbaar om actief deel te nemen aan projecten zodat ze extern moesten inhuren wat, begrijpelijk, een extra drempel opwierp. Daarnaast was er soms sprake van vooroordelen over en weer en de voortdurende uitdaging om juist die projecten te selecteren die regionaal echt het verschil maakten. Hoewel we allemaal hetzelfde doel nastreefden, bleven we in bepaald opzicht concurrenten, bijvoorbeeld op het gebied van personeel. Juist op dat punt hebben we moeten leren dat het veel slimmer is om voorbij het organisatiebelang te kijken en samen naar oplossingen te zoeken. Met de regionale arbeidsmarktaanpak en de flexpool zijn we daarin goed geslaagd.” Gaandeweg meer vertrouwen Gaandeweg leerden de deelnemers elkaar beter kennen en ontstond meer begrip voor elkaar. “Het netwerk werd bovendien steeds professioneler georganiseerd. Er werden onafhankelijke programmaleiders aangetrokken en een gezamenlijk kompas ontwikkeld. Belangrijke stap voorwaarts was de objectievere beoordeling van de ingediende projecten wat weer zorgde voor meer transparantie en vertrouwen. Dat is misschien wel de grootste impact van de samenwerking. Je leert elkaar respecteren en begrijpen. En je ontdekt dat je soms meer bereikt door samen op te trekken dan door vast te houden aan je eigen gelijk.” Spraakgestuurd rapporteren En dat leverde mooie projecten en resultaten op. Kina noemt onder meer de weerbaarheidstrainingen voor medewerkers, de aanpak van dubbelzorgvragers en reablement waarin Cicero zelf een voortrekkersrol vervult. “Sommige projecten hadden direct succes, andere hadden meer tijd nodig om hun meerwaarde te bewijzen. Maar allemaal droegen ze bij aan kennisdeling en vernieuwing. Soms kwamen we behoorlijke hobbels op de weg tegen en was het lastig om tegen de verdrukking in toch samen verder te gaan.” Kina memoreert in dat verband het project Spraakgestuurd Rapporteren dat dreigde stil te vallen omdat financiering wegviel en waarvoor ze zich persoonlijk sterk heeft gemaakt. “Als Cicero geloofden we in spraakgestuurd rapporteren omdat het tijdwinst en prettig werken oplevert voor medewerkers én betere rapportages. We hebben toen heel bewust gekozen voor het gezamenlijke belang en besloten om het project zelf te financieren. Hoewel jammer genoeg niet alle projectdeelnemers daarin zijn meegegaan, is het project wel voortgezet wat heeft gezorgd voor een doorontwikkeling. Uiteindelijk zijn weer meer organisaties aangehaakt. Spraakgestuurd rapporteren is gemeengoed geworden en daar ben ik best trots op.” Leren van elkaar Naast de projecten die positief effect hebben op de kwaliteit en betaalbaarheid van de zorg, ziet Kina het van elkaar leren als grote winst. Zelf leerde ze óók. “Je ziet hoe andere organisaties dingen aanpakken en daar kun je zelf en als organisatie je voordeel mee doen. Zo heeft de samenwerking binnen ZorgConnect Cicero bijvoorbeeld geïnspireerd om innovatie anders te positioneren in de organisatie.” Een stevige basis voor de toekomst Kina is ervan overtuigd dat regionale samenwerking in de ouderenzorg een blijvertje is. “Natuurlijk, de huidige financiering loopt eind dit jaar af en dat brengt nieuwe uitdagingen maar zeker ook kansen met zich mee. Het netwerk staat als een huis, we hebben elkaar leren kennen, begrijpen, respecteren en vertrouwen. Dat lijkt mij een stevig fundament voor de toekomt.” Hoewel nog volop wordt nagedacht over hoe samen verder, ziet Kina voor zich dat de samenwerking zich ontwikkelt van projectenorganisatie naar een strategische gesprekspartner voor regionale vraagstukken in de langdurige zorg. Gun elkaar het succes Welke boodschap wil ze haar opvolgers meegeven? Over het antwoord op die vraag hoeft Kina niet lang na te denken. “Respecteer elkaar, leer van elkaar en gun elkaar de bloemen. Met andere woorden, gun elkaar het succes en blijf zoeken naar wat verbindt.” Wat hoopt Kina over tien jaar te zien? “Dat is makkelijk: Zuid-Limburg beschikt over een sterke infrastructuur waarin alle ouderen die het nodig hebben kunnen rekenen op goede zorg én een goed leven. Want uiteindelijk draait het niet om zorg alleen. Kwaliteit van leven, welbevinden, dáár doen we het allemaal voor.” Zelf neemt ze per 1 januari 2027 afscheid als bestuursvoorzitter van Cicero Zorggroep en daarmee ook van het samenwerkingsverband. Wat brengt haar persoonlijke toekomst? “Ik heb eerlijk gezegd nog geen idee” zegt ze. “Ik weet wel vrij zeker dat ik nog geen afscheid van het werkend leven wil nemen. Hoe en waar dat vorm gaat krijgen, dat zie ik tegen die tijd wel.”
Lees meer
08 augustus 2026
Algemeen

Succesvol netwerken begint met een gedeelde opgave

Samenwerken in een netwerk als dé oplossing voor complexe vraagstukken? Uit onderzoek blijkt dat dit gemakkelijker is gezegd dan gedaan. Daan Westra, universitair docent Management & Organisatie van Zorg aan de vakgroep Health Services Research en unitleider van de Academische Werkplaats Duurzame Zorg aan de Universiteit Maastricht, doet onderzoek naar samenwerkingen in de zorg, onder meer in Limburg. “Een netwerk is de meest moeilijke organisatievorm. Je hebt namelijk te maken met autonome organisaties met elk hun eigen belangen.” Waarom dan toch netwerken in de zorg? “De problemen zijn te groot en complex om als individuele organisaties op te pakken”, stelt Westra vast. “Bovendien, samenwerking is weliswaar lastig, maar zeker niet onmogelijk. Uit de literatuur blijkt dat – mits aan bepaalde randvoorwaarden wordt voldaan – netwerken beslist goede resultaten kunnen bereiken. De belangrijkste voorwaarde is dat er een duidelijke gemeenschappelijke opgave moet liggen, uitgewerkt in zo concreet mogelijke doelen. Kijk, met de stelling ‘we willen de gezondheidszorg toegankelijk houden’, kan geen enkele organisatie het oneens zijn, maar wat betekent het concreet? Je moet de discussie dan dus voeren over zaken als: wat verstaan we onder toegankelijk? Voor wie? Welke diensten horen daarbij? Daarnaast is een duidelijke governance en heldere beslissingsprocessen onontbeerlijk. Uit onderzoek blijkt dat als een netwerk uit meer dan zeven tot tien organisaties bestaat, het lastig wordt om alle besluiten gezamenlijk te nemen. Het advies is dan te kiezen voor een governancestructuur met één partij die de coördinatie op zich neemt of het oprichten van een aparte netwerkorganisatie die namens alle leden besluiten kan nemen. De deelnemers aan een netwerk moeten bovendien veel investeren in onderling vertrouwen en goede interpersoonlijke relaties, want dat is de basis.” Kennissessie Begin dit jaar organiseerde Westra op verzoek van ZorgConnect een kennissessie voor bestuurders en programmamanagers. In deze ‘benen op tafel-sessie’ werd de praktijk van het netwerk gespiegeld aan de inzichten uit de wetenschap. Doel: effectief samenwerken bevorderen. Deelnemers kregen praktische handvatten, bijvoorbeeld over het belang van het benoemen van wie er aan tafel zit (membership), hoe divers het netwerk moet zijn, governance en effectieve organisatie van besluitvorming. De kracht van ZorgConnect Wat ziet Westra als de kracht van ZorgConnect? “Uit onderzoek blijkt dat ‘opgelegde’ netwerken vaak minder succesvol zijn dan netwerken die bottom-up ontstaan en groeien. ZorgConnect heeft al een geschiedenis van samenwerken en vertrouwen én voldoet aan de gewenste schaalgrootte (zorgkantoorregio). Een tweede kracht is dat het netwerk bestaat uit allemaal VVT-organisaties en er een duidelijke focus is op innovatie in de ouderenzorg via de vastgestelde projecten en werkwijzen. Er is dus sprake van een helder vertrekpunt en concrete doelen.” Volgens Westra ligt de uitdaging van het ZorgConnect netwerk vooral in de verdere positionering als motor voor innovatie in de ouderenzorg. “ZorgConnect kan hét platform worden waarlangs de VVT-sector innovatieve ideeën aandraagt en gezamenlijke stappen zet richting toekomstbestendige ouderenzorg.” Succes begint bij een gedeelde ambitie Een van de belangrijkste lessen uit Westra’s onderzoek is dat een netwerk alleen effectief kan zijn als alle betrokken partijen een heldere gezamenlijke opgave hebben. “Veel netwerken blijven hangen in abstracte doelen zoals ‘de zorg moet beter’ of ‘de zorg moet toegankelijk blijven’. Daar is niemand op tegen, maar wat dat concreet betekent, blijft vaak onduidelijk. Juist dat moet je samen scherp krijgen.” Goede samenwerking vraagt structuur Naast een gedeeld doel is het belangrijk om het netwerk goed te organiseren. Uit onderzoek blijkt dat als een netwerk uit meer dan zeven tot tien organisaties bestaat, het lastig wordt om alle besluiten gezamenlijk te nemen. Westra adviseert dan om te kiezen voor een duidelijke governance-structuur: één partij die de coördinatie op zich neemt of het oprichten van een aparte netwerkorganisatie die namens alle leden besluiten kan nemen. Samen leren en ontwikkelen In een sessie met ZorgConnect vertaalde Westra samen met collega’s wetenschappelijke inzichten naar de praktijk. Deelnemers kregen praktische handvatten, bijvoorbeeld over het belang van het benoemen van wie er aan tafel zit (membership), hoe divers het netwerk moet zijn, en hoe je besluitvorming effectief organiseert. Ook werd stilgestaan bij de vraag hoe ZorgConnect zich wil positioneren: als subsidieloket of als motor voor innovatie in de ouderenzorg. Westra: “Als je echt samen wilt innoveren, moet je duidelijk maken wat je als netwerk samen kunt bereiken dat je afzonderlijk niet kunt.” ZorgConnect heeft volgens Westra sterke uitgangspunten. “Ze werken op het niveau van de zorgkantoorregio, er is vertrouwen en er is een samenwerkingsgeschiedenis.” De grootste uitdaging zit in het formuleren van een duidelijke stip op de horizon. “Wat is het gezamenlijke doel, waar committeert iedereen zich aan? Pas dan kun je echt effectief samenwerken.”
Lees meer
06 november 2025